Onderhoud CV-installatie

We vragen je om zelf de ketel op tijd bij te vullen en af en toe te ontluchten. Wij komen daarvoor niet bij je langs. De waterdruk moet tussen de 1,5 en 2,0 bar zijn. Als de druk lager is, moet je bijvullen en daarna ontluchten. Om je daarbij te helpen, hebben we een handig stappenplan gemaakt.

Ketel bijvullen

  • Zet de ketel uit door de thermostaat naar beneden te draaien.
  • Draai de radiatoren allemaal open.
  • Sluit de vulslang aan op de kraan bij de ketel. Tip: Gebruik een doekje om het water op te vangen. Er kan roest in de vulslang zitten en dat kan voor lelijke vlekken zorgen op je vloer of muur.
  • Laat de slang vollopen met water, zodat er geen lucht meer in zit.
  • Sluit het andere uiteinde aan op het vulpunt bij de ketel.
  • Draai de waterkraan én het vulpunt van de ketel open.
  • Kijk op het display van de ketel. Vul bij tot maximaal 2.0 bar.
  • Sluit het vulpunt van de ketel en draai de waterkraan dicht.
  • Ontkoppel de vulslang. (Let op: er kan nog water in de slang zitten.)
  • Zet de ketel weer aan.

Installatie ontluchten

  • Zet de thermostaat op de gewenste temperatuur.
  • Draai alle radiatoren open (linksom) en laat ze minimaal tien minuten open staan.
  • Draai alle radiatoren dicht (rechtsom).
  • Begin met de radiatoren beneden en ga daarna naar boven.
  • Om de radiatoren te ontluchten draai je met het ontluchtingssleuteltje het ontluchtingsventiel op de radiator open (linksom). Er komt eerst lucht uit. Als er water uitkomt, draai je het ontluchtingsventiel weer dicht (rechtsom).
  • Draai de radiatorkraan weer open (linksom).

Ook als de ketel niet is bijgevuld, is het verstandig om de installatie één keer per jaar te ontluchten. Daardoor worden de radiatoren sneller en beter warm én je bespaart energie. Ook voorkom je dat de installatie vreemde geluiden gaat maken, doordat luchtbellen door de leidingen schieten.

 
Annuleren

Waarmee kunnen wij je helpen?

Begin hier met zoeken!

Geen resultaten gevonden